(Samsara: de cyclus van dood en wedergeboorte. Wikipedia)
Ik ben blij
Ik heb een puzzel opgelost,
mijn mind (1) is blij.
Er kwam een nieuw inzicht,
mijn ziel jubbelt. (2)
Er bestaan twee, minstens twee, soorten blijdschap: de blijdschap van de mind, en de blijdschap van de ziel. Of gelukzaligheid (3) blijdschap van de ziel is, of nog een hoger niveau, dit is voor mij (nog) niet helder.
Hier is eigenlijk al veel over geschreven, en gemoraliseerd, zij het meestal in andere bewoordingen. De blijdschap van de mind, bv. "ik heb de lotto gewonnen", is vrij oppervlakkig, iets onder de oppervlakte, en is tijdelijk: eventjes, en het is weer weg, tot er een nieuwe kick komt.
De blijdschap van de ziel daarentegen zit veel dieper en is blijvend.
Moraalridders weten dit en zeggen: kies voor de diepe blijdschap. Een morele regel, ik heb er een hekel aan. Uitzonderlijk is het nodig, een voorbeeld: een kindsoldaat weet niet, niet meer, dat hij geen mensen mag doden. Hier zijn morele regels wel nodig.
De keerzijde van de moraal is dat je zelf geen ervaringen opdoet, je volgt gewoon de regels (of je volgt ze niet). De regels volgen is vanuit ons denken, en het blijft daar hangen. En wat ook belangrijk is: het behoort tot de dualiteit. Dit houdt het rad van samsara draaiende. (@# verder uitwerken).
Wanneer je van de moraal niets aantrekt, tenzij het echt nodig is, dan komt vroeg of laat het inzicht. Dieper inzicht is vanuit het hart.
Het hart kent geen dit of dat, kent geen dualiteit, het stijgt er bovenuit. Dit gaat tot diep in de mens, in de ziel. Het is dan ook blijvend.